Vogel in de Poep

Het is winter en bitter koud. Een vogeltje is er zo erbarmelijk aan toe, dat ze geen fluittoontje meer kan voortbrengen.

Het vogeltje ligt te bibberen en denkt zelf al dat ze de nacht van de kou niet zal overleven. Dan komt er een koe aan en die denkt bij zichzelf. Dat arme diertje moet ik redden, maar wat kan ik doen? Dan bedenkt ze zich niet en schijt over het vogeltje heen.

Zo, denkt de koe, kan je de nacht overleven en morgen zal de zon de rest doen. Het vogeltje wil in eerste instantie kwaad worden en denkt, dat ook nog, lig ik hier te creperen en schijt daar ook nog zo’n stomme koe over me heen, maar te verkleumd om maar iets te doen of te zeggen, blijft ze gewoon liggen.

Even later merkt ze door de warme poep dat ze weer helemaal op temperatuur komt. Het vogeltje wordt weer vrolijk en begint spontaan te zingen. Dit hoort een vos en die ziet het vogeltje mooi in de poep zitten. Hij loopt er op af en haalt de vogel er uit, maar vreet haar meteen met huid en veren op.

Wat is het moraal van dit verhaal?
Dat zijn er meerderen;
1) Als iemand er voor zorgt dat je in de poep komt te zitten, is dat niet altijd omdat hij slechte bedoelingen heeft.
2) Als iemand je uit de poep haalt, wil dat niet zeggen dat hij goede bedoelingen heeft.
3) Als je in de poep zit, kun je beter je mond houden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *